Waarom lig ik eigenlijk op een dwarslaesieafdeling?

IMG_8622

19 april 2017 Reade

Tien dagen na mijn operatie in het AMC word ik per ambulance vervoerd naar revalidatiecentrum Reade aan de Amsterdamse Overtoom. De chauffeur duwt mijn rolstoel naar de derde verdieping en zoekt naar een verpleegkundige.

“We verwachten geen Birney, misschien moet u op de tweede zijn.”

Daar wacht ons hetzelfde verhaal.

“Het is altijd wat!”, moppert de ambulancebroeder.

Ondertussen kijk ik behoedzaam en nieuwsgierig om me heen. Het is een plotselinge noodgedwongen verandering van woonomgeving zoals ik al vaker heb meegemaakt in mijn leven. Weliswaar voor tijdelijk, maar voorlopig zal ik hier mijn plek moeten veroveren.

Op de eerste verdieping, afdeling D, hier moet ik zijn.

De gangen doen dienst als parkeerplaats voor ontelbare rolstoelen in alle soorten en maten. Elke keer als we een toiletruimte passeren word ik bedwelmd door een penetrante stank van urine en ontlasting. Later zal ik begrijpen waarom. Er hangt veel kunst aan de muren en de patiënten zien er best goedgeluimd uit. In een grote binnenruimte staat een piano, een paar hometrainers, twee computers, een rolstoelweegschaal en een tafel met spelletjes en tijdschriften. De kamer waar de verpleging bivakkeert kijkt erop uit. Er hangt een huiselijke warme sfeer.

Stephanie, een piepjonge blondine met een Noord-Hollands accent, brengt me naar een vierpersoonskamer en parkeert mijn rolstoel naast het eerste ziekenbed rechts. Ik word voorgesteld aan twee mannen en een vrouw, alledrie zo’n beetje rond mijn leeftijd. Tussen onze bedden hangen lichtkleurige katoenen gordijnen, maar die zijn open. Aan de muren met ansichtkaarten is af te lezen hoe lang de anderen hier al liggen. In de vensterbank staan bloemen en paasstukjes en op de luchtstroom danst een lachende ballon.

Daar ben ik dan.

De vrouw naast me heeft iets vreemds aan haar schouder, iets met het zenuwstelsel. De mannelijke kamergenoten hebben jaren geleden op jonge leeftijd een dwarslaesie opgelopen en zijn hier vanwege complicaties. Ik weet dat een dwarslaesie iets vreselijks is. Ik heb een keer iemand geïnterviewd die dat heeft, meer dan dat weet ik er niet van. Wel vreemd dat ze mij hier tussen leggen.

“Waarom lig ik eigenlijk op een dwarslaesieafdeling?”, vraag ik aan Stephanie.

“Omdat je een dwarslaesie hebt”, antwoordt ze schaapachtig. “Hebben ze je dat niet verteld in het AMC?”

Bam!

Mijn onderlijf is nog voor een deel verlamd, ik kan amper lopen en voel me een hulpeloos kind compleet met volgepoepte luiers. Ik kan niet meer plassen en zes keer per dag spreid ik mijn benen om handmatig te worden gekatheteriseerd, steeds weer door een andere verpleegster of verpleger. Het herinnert me aan het seksueel misbruik waar ik als vijftienjarige mee moest dealen. Dat oude monster duikt weer op, mijn leven trekt aan me voorbij.

Ik waan me terug in het kindertehuis, op slaapzaal met ieder een eigen kastje, me terugtrekken in bed, de stinkwc’s en de leiding die op een vast tijdstip het licht uitdoet. Net als vroeger observeer ik hier het groepsproces tijdens de maaltijden, we grappen over de Hollandse pot en delen onze dagelijkse ongemakken. Ik verover mijn plek.

Maar de tranen gaan weer stromen, net als de dagen ervoor in het AMC. Niet eens zozeer vanwege die afgrijselijke diagnose die mijn hele leven overhoop gooit. Ik huil vanwege het boek dat ik al drie keer heb gelezen en dat ik sinds mijn opname als een versleten bijbel bij me draag. Ook nu weer ligt De tolk van Java op mijn nachtkastje.

Ik kan me niet herinneren ooit zoveel te hebben gehuild.

Een week later word ik tot mijn verrassing onverwacht overgeplaatst naar een van de weinige eenpersoonskamers, compleet met eigen badkamer en toilet.

De Tolk van Java

De laatste roman van mijn oudste broer Alfred Birney – De tolk van Java – is een enorme bestseller en gisteren was hij te gast bij EénVandaag!

http://www.eenvandaag.nl/1v-series/zomervan/75495/de_zomer_van_alfred_birney 1 / 2

http://www.eenvandaag.nl/standalone-player/114253

IMG_9352

De zomer van… Alfred Birney

In de serie ‘De zomer van…’ portretteren we schrijver Alfred Birney in zijn woonplaats Den Haag en aan het Scheveningse strand. Hij won dit jaar de Libris Literatuurprijs met zijn aangrijpende boek De tolk van Java. Een autobiografische roman die een ontluisterende kijk geeft op de koloniale oorlog in Nederlands Indië.

In De tolk van Java beschrijft Birney wat de invloed is geweest van de onafhankelijkheidsstrijd in Nederlands Indië (1945-1949) op zijn vader en zijn eigen leven. Het maakte zoveel indruk dat premier Mark Rutte het vuistdikke boek meegaf aan de ministerraad als verplichte kost voor in de zomervakantie.

Een vader met oorlogtrauma’s

Birney beschrijft op een beklemmende manier het extreme geweld tijdens de dekolonisatie. Dat geweld komt van beide kanten: van Indonesische vrijheidsstrijders en van Nederlandse soldaten. Zijn Indische vader koos de kant van de Nederlanders en vocht tegen zijn eigen landgenoten. Als tolk en marinier martelde en moordde hij. Zo schoot hij op een vrouw met een baby in de arm, omdat een vrijheidsstrijder zich achter haar verschool. Birney’s vader stond hoog op de dodenlijst van Soekarno, de jonge leider van de Indonesische republiek. Voordat hij vermoord kon worden vertrekt hij naar Nederland. Waar hij zich zijn leven lang een tweederangsburger voelt. Hij trouwt met één van zijn correspondentievriendinnen, een Helmondse schoenmakersdochter. Het wordt een ongelukkig huwelijk. Hij botviert zijn oorlogstrauma’s op zijn vrouw en vijf kinderen. Birney is de oudste.

De tolk van Java

Op zijn dertiende plaatst de kinderbescherming Birney uit huis. Net als zijn broers en zussen groeit hij op in internaten. Later verdient Birney zijn geld als gitaarleraar en musicus. Als hij door een beschadiging aan zijn hand genoodzaakt is de muziek op te geven, legt Birney zich toe op het schrijven. De tolk van Java is zijn magnum opus die hem op zijn 64ste roem bezorgd bij een breed publiek. Zijn leven lang worstelde Birney met het pijnlijke verleden van zijn vader. Met dit boek sluit hij dit af. In De tolk van Java schrijft hij:

“Lang heb ik als een gek zijn waanzin bevochten. Nu ben ik een vermoeide brug die zich over een verleden buigt zonder zijn eigen spiegelbeeld in het water te zien. Ik vecht niet langer, ik houd ermee op.”

Redactie EénVandaag – De zomer van… Alfred Birney